Verzamelaars van de Nieuwmarkt

Stel je even voor dat je een zolder oploopt en je ziet opeens dat die tot de nok toe gevuld is met dozen vol oude brieven, met notities, papiertjes, recepten, met speeltjes, met oude tandenborstels, met leeg geblazen eierschalen en opgedroogde verftubes… overal waar je kijkt… rotzooi! Je zou twijfelen aan het verstand van degene die hier nooit heeft willen opruimen. Maar voor anderen, zoals de historicus Geert Mak, is het juist alsof hij op een goudmijn is gestuit. Want in dit geval is dat precies wat hem gebeurde en was de zolder in kwestie het eigendom van de beroemde familie Six. Die roem begint met de eerste Jan Six, die z’n fortuin had gemaakt in de lakenhandel van het zeventiende eeuwse Amsterdam en die zo deel werd van de elite van onze welvarende hoofdstad.

 

Tekst: Benjamin B. Roberts

Beeld: Rijks Museum en Stadsarchief Amsterdam

 

 

 

Sinds De Levens van Jan Six. Een Familiegeschiedenis van Geert Mak uit is gekomen in augustus 2016, zijn er al meer dan 100,000 exemplaren van over de toonbank gegaan. Mak verbeeldt een fascinerende familiegeschiedenis die begint met de eerste Jan Six (1618-1700) en die doorloopt tot de Jan Six die vandaag de dag een kunsthandel bestiert met de welluidende naam Jan Six Fine Art. Met z’n historische kennis en prachtige verteltrant, schetst de auteur een familiegeschiedenis tegen het décor van de economische en sociale ontwikkelingen in het Amsterdam van de afgelopen vier eeuwen.

De voorouders van de familie Six waren protestantse vluchtelingen uit het gebied rond Kamerijk in de Zuidelijke Nederlanden – een deel dat in het huidige Noord-Frankrijk ligt. Ergens aan het einde van de vijftiende kwam deze familie naar onze Republiek, toen de protestanten, ketters voor de Franse koning, werden verdreven uit hun vaderland.

De titel van het boek is gebaseerd op de familietraditie om de oudste zoon en stamhouder Jan te noemen. De eerste Jan werd vereeuwigd door zijn vriend Rembrandt van Rijn, poserend in een rode cape. Dat iconische schilderij hangt nog altijd in het huis van de familie aan de Amstel – als het niet is uitgeleend aan het Rijks Museum. Bij de tentoonstelling ‘Rembrandt en Jan Six. De ets en de vriendschap’ kunt u Rembrandt’s etsen van Jan Six tot 3 september bewonderen in Museum het Rembrandthuis.

 

Jan Six en de Nieuwmarkt

Ten tijde van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, deed de familie het goed in de lakenhandel, investeerde ze in de VOC en huwden de Sixen dochters uit de machtige Amsterdamse families. Geert Mak benadrukt dat het leven van de bekendste Jan Six zich in ieder geval aanvankelijk met name rond de Nieuwmarkt afspeelde. Jan werd geboren en groeide op in het gedeelte tussen de Jodenbreestraat en de Kloveniersburgwal. In de vroege zeventiende eeuw was dat een dynamisch stuk van de stad, waar zich een bont gezelschap ophield van Duitse ambachtslieden (die werkten aan de bouw van de grachtengordel), joodse kooplieden en havenarbeiders. Bovendien was het een gebied waar beroemde kunstenaars en artiesten woonden als Philip Vingboons, Jan Torrentius, Hendrick van Uylenburg en later ook Rembrandt. De Nieuwmarkt was zo letterlijk en figuurlijk ‘het hart van de stad’.

 

Als zoon van de Amsterdamse elite, kreeg Jan er de beste opvoeding. Hij ging naar de Latijnse School in de Koestraat, die gehuisvest was in het voormalige Bethaniënklooster. Hij deed het er goed en na de Latijnse School schreef hij zich als zestienjarige in aan de Universiteit van Leiden. Op z’n 23e maakte hij een grand tour door Europa; een ervaring die door de toenmalige elite werd gezien als de kroon op een succesvolle opvoeding. Zo’n reis voerde vaak door Frankrijk en Duitsland en ook in Italië leerden deze jongelieden over de kunst en geschiedenis van de Oudheid en de Renaissance.

 

Indrukwekkende verzameling

Mak maakt duidelijk hoe de interesse van Jan Six voor het verzamelen van boeken en kunst zich ontwikkelde tijdens zijn opleiding èn tijdens zijn grand tour. De volgende generaties Jan Six zetten de familietraditie van het bijeenbrengen en verzamelen van kunst voort. Eén van de meest in het oog springende verzamelaars van de familie, was Lucretia van Winter (1785-1845), de echtgenote van Hendrik Six. Zij was zelf afkomstig uit een familie van kunstverzamelaars en voegde eigenhandig een aantal beroemde stukken toe aan de familiecollectie waaronder Het Straatje van Vermeer, Jan Steen’s Het oestereetstertje en Rembrandt’s trouwportretten van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit, die in 2016 door de gezamenlijke Nederlandse en Franse regeringen zijn gekochtvan Éric de Rothschild.

Het straatje van Vermeer

 

Kindje op sterk water

Naast de verzamelwoede van de familie Six, die Geert Mak soms zo’n beetje definieert als een dwangneurose, stuitte de auteur ook op de minder mooie kanten van de beroemde familie, zoals huwelijksstrategieën, huwelijksproblematiek, financiële problemen en emotionele moeilijkheden, veroorzaakt bijvoorbeeld door het grote aantal kinderen dat vroeg is overleden. Het meest tragische voorbeeld daarvan is het moment waarop eerder genoemde Lucretia bevalt van een tweeling (een jongetje en een meisje) in 1823. Het jongetje overlijdt bij de geboorte en de dochter, Anna Louisa Maria Six, blijft zes dagen in leven. De rouwende moeder geeft onmiddellijk opdracht aan een beeldhouwer om een beeld te maken van haar dochtertje. Hendrik Six is op dat moment van huis; hij heeft geelzucht. Hij kan niet meteen bij de begrafenis van de kinderen aanwezig zijn en Lucretia besluit daarom de kinderen op sterk water te zetten, totdat Hendrik is genezen. Vandaag de dag staat het beeld van Anna Louisa Maria nog altijd in een tussenruimte van het onderkomen van de familie Six.

 

Met een spannende verhaallijn, die een periode van bijna vierhonderd jaar beslaat, schetst Mak de klassieke ontwikkeling van een koopmansfamilie die zich in de zeventiende eeuw met hard werk en slimme investeringen opwerkte tot in de hoogste regionen en zo onderdeel zou gaan uitmaken van de elite van de Nederlandse Republiek. Daarna zouden de volgende generaties Jan Six zich terugtrekken uit het openbare leven en op hun landhuizen genieten van de vruchten van hun investeringen. In de eeuwen die daar weer op volgden, moest de familie juist uitermate hard werken om hun elitaire en aristocratische status te behouden – met name door strategisch te trouwen met ‘nieuw geld’, de klasse die z’n fortuin had gemaakt tijdens de industriële revolutie.

 

 

De Bestseller van Geert Mak uit augustus 2016