Waar woonde Jan Six?

Waar woonde Jan Six in de Gouden Eeuw?

 

Volgens een CBS-rapport verhuisden in 2016 meer dan 1,8 miljoen mensen in Nederland. Het was het hoogste aantal gedurende een periode van veertig jaar. Met name jonge gezinnen met kleine kinderen verhuisden omdat ze meer ruimte nodig hadden. Gemiddeld verhuist een Nederlander gedurende z’n leven zeven keer. Hoewel deze vorm van mobiliteit – het zó vaak verhuizen – een modern fenomeen lijkt, is het dat niet. In de zeventiende eeuw verruilden we met bijna dezelfde regelmaat ons oude huis voor een nieuwe versie. Voor Jan Six (1618-1700) was het niet anders. In de loop van zijn 82-jarige leven verhuisde deze lakenhandelaar, burgemeester, kunstverzamelaar en toneelschrijver in totaal vier keer.

 

Kloveniersburgwal 103: 1618-1663

 

We kennen niet de precieze locatie, maar we weten wel dat Jan Six is ​​geboren in een huis tussen de Jodenbreestraat en Kloveniersburgwal. Ergens in zijn vroegste jeugd is hij vandaar samen met zijn moeder (zijn vader was al overleden voordat hij geboren was) verhuisd naar een huis dat was gelegen tussen Kloveniersburgwal nummer 101 en nummer 105. Onderdeel van dat blok was het ‘Glashuys’, dat eerder eigendom was geweest van een glasfabrikant. Vandaag is alleen Kloveniersburgwal 105 nog een overblijfsel van dat oorspronkelijke huis en dan is het volgens Geert Mak ook nog eens zo dat er maar een paar elementen van het oorspronkelijke huis zichtbaar zijn. Jan woonde in dit huis, ging naar de Latijnse school in de Koestraat, verhuisde om aan de Universiteit van Leiden te gaan studeren en keerde terug naar de Kloveniersburgwal nadat hij een ‘Grande Tour’ door Europa had gemaakt. Daar schreef hij vervolgens in 1648 ook het toneelstuk ‘Medusa’. Dit was ook het huis waar hij in 1654 voor de beroemde ets van Rembrandt tegen de vensterbank stond aangeleund. Het was de woning waar Jan Six zijn kunstcollectie begon. Tenslotte was Kloveniersburgwal 103 ook het huis waar hij als 37-jarige met zijn 20-jarige bruid Margaretha Tulp zou wonen, nadat ze in 1655 getrouwd waren. Het was helaas ook op deze plek waar Margaretha meerdere miskramen had, waardoor het echtpaar aanvankelijk kinderloos bleef.

 

Het prachtige pand aan de Kloveniersburgwal 103 rond 1934

(fotografie: Het Stadsarchief)

Keizersgracht 210: 1663-1666

In mei 1663 trok Jan Six met zijn vrouw in bij zijn schoonvader Claes Pietersz. (1593-1674) aan de Keizersgracht 210. Six en zijn vrouw woonden ruim drie jaar bij Margaretha’s vader tijdens de bouw van hun huis aan de Herengracht nummer 619. Margaretha’s vader, die arts was, was in 1611 naar Amsterdam verhuisd en zoals veel apothekers en artsen dat in de vroege zeventiende eeuw deden, verbouwde hij bijzondere planten en bloemen in zijn tuin. Eén daarvan was een exotische bolplant, de tulp. Toen Pietersz. in 1616 naar de Keizersgracht verhuisde, liet hij een grote afbeelding van een tulp aanbrengen op zijn gevel, om zijn huis mee aan te duiden, aangezien huizen toen nog niet genummerd waren. Rond diezelfde tijd werd Pietersz. daarom bekend als ‘Tulp’ en kort daarna noemde hij zichzelf ook Nicolaes Tulp. In de daaropvolgende jaren werd speculatie in tulpen een investeringshype en tussen 1634 en 1637 ontstond zo de ‘Tulipomania’ die uitmondde in de eerste beurscrash ooit. Vóór die tijd was Tulp al een bekende regent en dokter die de ‘hoofdpersoon’ was op het beroemde schilderij De Anatomische Les van Dr. Nicolaes Tulp, dat Rembrandt in 1631 in de Waag op de Nieuwmarkt heeft geschilderd.

Keizersgracht 210 in 2011 (fotografie: Wikimedia Commons)

 

 Kloveniersburgwal 23: 1666-1669

Drie jaar later, in mei 1666, verhuisden Jan en zijn vrouw naar het huis van zijn neef Coenraad Burgh (1619-?). Burgh stamde uit een regentenfamilie en was de neef van de bekende diplomaat en burgemeester van Amsterdam, Coenraad van Beuningen ( 1622-1693). Hendrick de Keijzer bouwde hun huis rond 1650 en het zou bekend worden als Het Gouden Heck. Burgh was landdros en was getrouwd met Christina Hooft (1628-1681), de dochter van P.C. Hooft. In deze periode werd eindelijk het eerste kind van Six geboren, Jan Six II (1668-1750).

Kloveniersburgwal 23 – jaartal onbekend (fotografie: het Geheugen van Nederland)

 

Herengracht 619: 1669-1700

Toen Jan Six nog bij z’n neef woonde, gaf hij Adriaan Dortsman (1635-1682) de opdracht om een nieuwe woning te bouwen aan de Herengracht 619. De oudst bewaarde tekening van dat huis dateert van 1666, slechts een jaar nadat Dortsman vanuit Vlissingen verhuisde naar Amsterdam. Dortsman, opgeleid als wiskundige en landmeter, was een vaardig bouwmeester van vestingwerken en ontwierp huizen en gebouwen in een strakke geometrische stijl. Bij de nieuwe woning van Jan Six aan de Herengracht 619 brak hij met zo’n beetje alle conventies van het midden van de zeventiende eeuw waar het ging om de toen typische bescheidenheid, waar het ging om de afmetingen van de gevel en waar het ging om het volume van het huis. Het was een dubbel huis met drie grote ramen, buitengewoon hoge plafonds en was – dus – uitgerust met buitengewoon ruime kamers. Nadat het huis af was gebouwd, verhuisden Jan Six, zijn vrouw en hun eenjarige zoon naar dit grote huis, waar Six met zijn gezin de rest van zijn leven zou wonen. Hoewel het verre van noodzakelijk was voor Jan Six om zijn ouderlijk huis op de Kloveniersburgwal te verlaten, waren daar waarschijnlijke sociale en economische redenen voor. In het midden van de zeventiende eeuw had de Nieuwmarkt zijn status als het hart van de stad verloren en was het meer een arbeidersbuurt geworden. De grachtengordel, met name de Herengracht, was nu de thuisbasis van de culturele en economische elite van Amsterdam geworden en die paste veel beter bij de nieuw verworven sociale status van de familie Six. Zonder twijfel was de extra ruimte in dit huis een belangrijke overweging, aangezien Jan Six de rest van zijn leven fanatiek bezig zou zijn met het aanleggen van zijn indrukwekkende kunstcollectie.

 

Herengracht 619 (fotografie: Wikimedia Commons)

 

Rembrandt, De Anatomische Les van Dr. Nicolaes Tulp (1632)